Van Gogh Nationaal Park

INTERMEZZO Veel dorpen in het Van Gogh Nationaal Park kennen een sterk ontwikkeld maatschappelijk en cultureel verenigingsleven, van sportclub en harmonie tot carnavalsvereniging en schutterij. Het bloemencorso van Zundert, het grootste ter wereld, is een van oorsprong agrarisch evenement, dat ook tegenwoordig nog de landbouwsector, het tuinbouwlandschap en sociale dorpsleven met elkaar verbindt. In 2015 – het Van Gogh jaar – was Van Gogh het thema van het Zundertse bloemencorso, het geboortedorp van Van Gogh. Vereniging Markdal Sinds eind vorige eeuw wordt gewerkt aan de herinrichting van het Markdal, ten zuiden van Breda. Er liggen forse opgaven. Mede door wantrouwen onder grondeigenaren lukte het niet om het ontwikkelingsproces op gang te brengen. Om het plan vlot te trekken richtten verschillende belangengroepen in 2011 de vereniging Markdal op, waarin onder meer natuurorganisaties, landbouw, recreatie, bewoners en wijkraden waren vertegenwoordigd. Twee jaar later lag er een breed gedragen uitvoeringsplan, dat later werd omgezet in een omgevingsvisie avant la lettre. De vereniging wierp zich daarna op als gebiedsontwikkelaar. Ze kreeg daarbij het mandaat om met gebiedspartijen tot innovatieve oplossingen te komen, om gronden aan te kopen en uitvoeringsovereenkomsten aan te gaan. Anders dan bij andere gebiedsontwikkelingsprojecten nam het gebied - en niet de overheid - dus het voortouw. Het laat zien hoe sterk de Brabantse manier van werken kan zijn. De Vereniging won in 2017 de Eenvoudig Beter-Trofee, voor het initiatief dat het beste werkt in de geest van de nieuwe Omgevingswet. Samenwerking: het voorbeeld van de Oisterwijkse Vennen en Bossen De Kampina en de Oisterwijkse Vennen en Bossen zijn één van de eerste aankopen van de Vereniging tot Behoud van Natuurmonumenten, die in 1905 werd opgericht. Aan het eind van de negentiende eeuw, in de tijd van Van Gogh, groeide de publieke belangstelling voor natuurstudie en voor de bescherming vanwaardevolle natuurgebieden, die door de snelle industrialisatie en de ontginning van de woeste gronden onder druk stonden. Ook Vincent van Gogh zag de aantasting van de Brabantse heidevelden uit zijn jeugd met lede ogen aan. De aankoop van de Oisterwijkse Vennen en Bossen was een reactie op de plannen van een exploitatiemaatschappij om het bos bij Oisterwijk te vellen, de vennen droog te leggen en er woningen te bouwen. Dit leidde tot verzet van bewoners en de plaatselijke VVV, en met hulp van Natuurmonumenten werd in 1913 een gebied van 157 ha aangekocht, mede gefinancierd door de gemeenten Oisterwijk, Tilburg en ‘s-Hertogenbosch en door de provincie Noord-Brabant. Het was voor het eerst in de Nederlandse geschiedenis dat particuliere investeerders, een terreinbeheerder, bewoners, de recreatiesector en verschillende overheden zich gezamenlijk inzetten voor het behoud van een recreatief én ecologisch waardevol natuurgebied – de Brabantse manier van werken avant la lettre. In de decennia erop ontstond uiteindelijk een aaneengesloten natuurgebied van meer dan 2.000 ha. Coöperatie: het voorbeeld van Pater Van den Elsen In de tweede helft van de negentiende eeuw, in de tijd van Van Gogh, veranderde de samenleving in hoog tempo. De plattelandsbevolking groeide. Nieuwe industrieën namen het handmatige werk van thuiswevers en ambachtslui over. En mede door de import van goedkoop Amerikaans graan belandde de Nederlandse landbouw in een crisis. De veranderingen en aanhoudende armoede op het platteland leidden in Brabant tot een eigen ontwikkelingsmodel. Daarin stond – meer dan elders in het land – coöperatief werken centraal. Stuwende kracht hierachter was de boerenapostel pater Van den Elsen (1853 – 1925). Als boerenzoon trok hij zich het lot van de noodlijdende boeren aan en pleitte hij voor organisatie en samenwerking. In 1896 stond hij aan de wieg van de Noordbrabantsche Christelijke Boerenbond, de voorloper van de ZLTO. Twee jaar later was hij medeoprichter van de Coöperatieve Centrale Boerenleenbank, de voorloper van Rabobank. Jarenlang doorkruiste Van den Elsen de bisdommen van ‘s-Hertogenbosch en Breda voor de oprichting van lokale boerenbonden, zuivelcoöperaties en boerenleenbanken. Voor de zich emanciperende katholieke kerk was dit dé aanpak om de gelovige bevolking een toekomst op het platteland te bieden. De coöperatieve aanpak, gericht op samenwerking en dialoog, zowel binnen de eigen sector als met overheden en andere partners, stond aan de basis van de ‘Brabantse manier van werken’ zoals we die nog steeds kennen - ook in moderne samenwerkingsverbanden als Brainport Eindhoven en binnen het Brabantse agrologistieke complex. INTERMEZZO Het Van Gogh Nationaal Park kent een lange traditie van initiatieven rond kleinschalige, innovatieve vormen van landbouw, waarvan de Kleine Aarde, opgericht in 1972, de bekendste is. Maar ook recent zijn er talloze initiatieven. Het concept van de Herenboeren dat gestart is in Boxtel, vindt landelijk op verschillende plekken navolging. Als coöperatie van zo’n 180 consumenten pachten de Herenboeren een gemengd landbouwbedrijf van zo’n 20 hectare, met varkens, koeien, fruit en groenten. De coöperatie heeft een boer aangesteld voor de dagelijkse werkzaamheden. De Herenboeren bedienen een kleine nichemarkt van geëngageerde consumenten - een concept dat vooral kansrijk lijkt in de stadsrand, dichtbij bewoners. 89 90

RkJQdWJsaXNoZXIy ODY1MjQ=