Van Gogh Nationaal Park

‘…BOVENDIEN ZAL ER ALTIJD IETS VAN DE BRABANTSCHE AKKERS EN HEI IN ONS BLIJVEN HOOP IK, WAT JAREN VAN STADSLEVEN TE MINDER UIT KUNNEN WISSCHEN OMDAT DE KUNST HET VERNIEUWT EN VERMEERDERT.’ Vincent van Gogh, 1882 Vincent van Gogh, het miskende genie van zijn tijd, was geen natuurtalent. Hij moest hard werken om uit te kunnen beelden wat hij in essentie wilde laten zien. In zijn brieven legde hij zijn ziel bloot. Zijn worsteling met de kunst, memensen, het onbegrip. Maar uiteindelijk wist hij een volkomen eigen en nieuwe beeldtaal te ontwikkelen, die ook tegenwoordig nog voor miljoenen mensen tot de verbeelding spreekt. Vincent van Gogh werd in 1853 geboren in Zundert, als zoon van een dominee. Hij groeide er op, net als zijn vijf jongere broers en zussen. Met zijn ouders maakte hij wandelingen rond het dorp; in zijn eentje zwierf hij over de hei en door de weilanden rondom Zundert – een ervaring die hem zijn leven lang zou tekenen. INTERMEZZO: HET BRABANT VAN VAN GOGH ‘Koeien’ Vincent van Gogh 1890, Collectie Museum voor Schone Kunsten Rijsel INTERMEZZO: HET BRABANT VAN VAN GOGH > Van Gogh voelde zich aangetrokken tot de romantische schilders van het Franse Barbizon, een kunstenaarsdorp waar schilders als Jean-François Millet en plein air het eenvoudige boerenleven, de woeste natuur en het boerenlandschap schilderden, als reactie op het jachtige leven in de opkomende steden en de zich ontwikkelende industrie. Ook in Nederland ontstonden in de tweede helft van de negentiende eeuw kunstenaarsdorpen zoals Laren, Bergen, Dongen en Domburg, met schilders die tot de Haagse School gerekend zouden worden. Anders dan veel schilders van de Haagse School, die in de stad woonden, een artistieke opleiding hadden gehad en vaak een bemiddeld leven leidden, was Van Gogh een echte boerenschilder. Hij kende het leven op het platteland, had er in zijn jeugd over de akkers en velden gezworven, sprak de taal van de boeren en arbeiders en kende hun armoede van nabij. In 1883 keerde Van Gogh terug naar Brabant, naar Nuenen, waar zijn ouders inmiddels woonden. Twee jaar werkte Vincent dag en nacht aan portretten, studies en landschappen om zijn techniek te verfijnen. Een winter lang werkte hij aan zijn eerste meesterwerk, de Aardappeleters, dat hij zelf een ‘echt boerenschilderij’ noemde, ‘ruw, grof en onconventioneel’, een schilderij dat rook naar ‘spek, rook en aardappelwasem’. Niet lang na het plotselinge overlijden van zijn vader, in de zomer van 1885, vertrok Van Gogh naar het buitenland, om nooit meer in Brabant terug te keren. In de vijf Op zijn elfde stuurde zijn ouders Vincent naar de protestantse kostschool in Zevenbergen, gevolgd door twee jaar HBS in Tilburg. Toen hij 16 was vertrok hij naar Den Haag, om er te gaan werken in de kunsthandel van zijn oom. De tien daarop volgende jaren was hij op zoek naar zijn bestemming. Hij werkte in Londen, Parijs, Brussel en Amsterdam. Nadat hij ontslagen was bij de kunsthandel wilde hij evangelist worden. Hij verdiepte zich in de Bijbel en zette zich als lekenprediker in voor arme mijnarbeiders in het Waalse Borinage. Maar het lukte hem niet om vaste grond onder zijn voeten te krijgen. In 1880, 27 jaar oud, besloot Van Gogh definitief om schilder te worden, op aandringen van zijn broer Theo. Hij keerde terug naar Brabant, naar Etten, waar zijn vader predikant was geworden. Daar richtte hij zijn eerste eigen atelier in en werkte hij koortsachtig aan studies van boeren en landschappen – dát was zijn thematiek. In Den Haag ging hij in de leer bij zijn neef Anton Mauve – toen al een bekende schilder van de Haagse School – om daarna een paar maanden te werken in Drenthe, waar het landschap er nog net zo uitzag als het Brabant uit zijn jeugd. Hij was nu vastbesloten schilder te worden. “Durven – wagen – ja dat moet ge,” schreef hij Theo in 1883 vanuit Drenthe, “een brandend geloof hebben, ondanks alles, ja dat moet ge.” Vincent van Gogh, Aardappelrooiende boerin, Nuenen, mei-juni 1885, Van Gogh Museum, Amsterdam (stichting Vincent Van Gogh) Vincent van Gogh, De zaaier (naar Millet), Etten, april 1881, Van Gogh Museum, Amsterdam (stichting Vincent Van Gogh) 33 34

RkJQdWJsaXNoZXIy ODY1MjQ=