FAMILIEBANDEN Opgegroeid tussen sleepboten Dat ze allebei in de maritieme wereld terechtkwamen, is bijzonder en toch ook weer niet. Hun ouders hadden een jachthaven en een sleepdienst. Ze groeiden op op en rond het water, woonden zelfs een tijd met het hele gezin op een sleepboot. “Wij weten niet beter”, zegt Gerda lachend. “Onze vader was nooit gehecht aan spullen. Als hij onze woonboot kon verkopen en daar vijftien ligplaatsen voor terugkreeg, dan gingen wij gewoon op de sleepboot wonen.” De sleepdienst, inmiddels voortgezet door hun broer, heet Vlig Maritieme Dienstverlening in Jirnsum. Vader (74) is nog altijd actief. “Het bloed kruipt waar het niet gaan kan”, zegt Anke. “Hoe verzin je het dat wij beide binnen hetzelfde bedrijf werken, de één bij de veerdienst en de ander op een scheepswerf?” Dienst versus techniek Gerda (48) is sinds vorig jaar directiesecretaresse van directeur Jieskje Hollander bij Wagenborg Passagiersdiensten. Ze werkt 24 uur per week, verdeeld over alle dagen. “Daarmee voelt het voor Jieskje alsof ze fulltime iemand heeft. Ik regel veel. Van agenda’s tot broodjes en een auto die naar de garage moet. Ik ben haar rechterhand.” Ze houdt van dynamiek. “Geen dag is hetzelfde. Dat past bij mij. Ik ben van het regelen, praten en vooruitdenken. En ik kan prima een deel vanuit huis werken. Of ik nu op Lauwersoog, Ameland of thuis zit, dat maakt voor mijn werk in principe niet uit.” Anke (50) werkt al elf jaar bij Niestern Sander in Farmsum, sinds 2008 onderdeel van Royal Wagenborg. Ze begon op de crediteurenadministratie en werkt inmiddels binnen Planning & Control. “Liquiditeitsstromen, wat verwachten we, wat moet er betaald worden, de magazijnen, dochteronderneming Joosten… het is breed. Wij zorgen dat alles financieel klopt.” Op de werf werken zo’n 180 mensen in vaste dienst en gemiddeld 150 inleenkrachten. De dagen van Anke beginnen vroeg. Heel vroeg. Ze woont in Lemmer en zit vaak om kwart voor vijf in de auto om om zes uur op kantoor te zijn. “Ik werk het liefst op kantoor. Drie schermen, grote bestanden, korte lijnen. Thuiswerken is niks voor mij.” Gerda glimlacht: “Ik ken bijna niemand met zo’n werkethos als Anke. Ziek zijn kennen we niet van huis uit. Ze was laatst ziek, maar sleepte zich toch naar het werk.” Anke relativeert: “Ach, dat hoort erbij.” Wat begrijpen ze niet? Zouden de zussen elkaars werk kunnen doen? Gerda hoeft niet lang na te denken. “Al die Excelbestanden? Daar word ik niet gelukkig van. Dat is zo niet mijn ding.” Anke lacht: “Ik zou best kunnen wat Gerda doet, als ik maar niet hoef te notuleren.” Het typeert hun verschil. Gerda staat graag wat meer op de voorgrond, Anke blijft liever op de achtergrond. “Op familiefoto’s zorgt Anke dat ze er net niet op staat”, zegt Gerda. “En ik sta altijd vooraan.” Toch herkennen ze elkaar in hun betrokkenheid. “Hart voor de zaak”, zegt Anke. “Dat zie je bij ons allebei terug.” Waar hun werelden elkaar raken Hoewel hun dagelijkse werk elkaar niet direct raakt, voelen ze wel de maritieme verbondenheid binnen de groep. Gerda voelt zich op haar plek bij de veerdienst. “Als ik aan boord stap en ik zie een oude sleepboot liggen, dan vind ik dat prachtig. De meeste mensen willen bij de kapitein kijken, maar ik ga net zo lief even de machinekamer in. Dat monotone geluid, die geur… dat blijft iets bijzonders.” Anke knikt instemmend. “Dat heb ik ook. Ik ben laatst nog mee geweest met mijn broer en vader bij het transport van een brug. Dan trek ik mijn kantoorkleren uit en stap ik zo weer aan boord. Dat blijft trekken.” Familie als constante Ze bellen veel, maar praten buiten het werk niet eindeloos over werk. “Het is goed dat onze functies elkaar niet raken”, zegt Gerda. “Veel mensen weten niet eens dat we allebei binnen de groep werken.” Wat ze delen, is hun achtergrond. Opgegroeid op het water. Geleerd om hard te werken. Niet zeuren, maar doen. En misschien nog wel belangrijker: vrijheid. “Ik krijg alle ruimte in mijn werk”, zegt Gerda. “Dat is voor mij belangrijk.” “Die vrijheid heb ik ook,” zegt Anke. “Verantwoordelijkheid nemen en zelf je werk organiseren.” Twee zussen, verschillend in karakter en functie. De één tussen wal en eiland, de ander tussen staal en cijfers. Maar onder die verschillen stroomt dezelfde familiegeschiedenis. Ze groeiden op aan dezelfde keukentafel en werken nu, jaren later, allebei binnen hetzelfde moederbedrijf: Royal Wagenborg. Gerda de Hoop bij de veerdienst, waar elke dag draait om afvaarten, agenda’s en schakelen in het moment. Haar zus Anke Stegehuis bij scheepswerf Niestern Sander, waar staal, spreadsheets en precisie de toon zetten en projecten maanden soms jaren duren. Twee zussen, twee werelden binnen één maritieme familie. Links Anke Stegehuis, rechts Gerda de Hoop Tussen wal en werf 18 I Wagenborg Details Lente 2026 Wagenborg Details Lente 2026 I 19
RkJQdWJsaXNoZXIy ODY1MjQ=