16 17 In dit hoofdstuk beschrijven we hoe ons stelsel van kwaliteitszorg is ingericht (6.1), hoe ons personeelsbeleid is vormgegeven (6.2) en hoe we tegenspraak organiseren bij onze belangrijkste stakeholders (6.3). 6.1 Stelsel van kwaliteitszorg Om jaarlijks gericht werk te maken van de verbetering en borging van ons onderwijs is een stelsel van kwaliteitszorg ingericht. De belangrijkste onderdelen hiervan zijn ons schoolplan, het jaarplan en de kwaliteits-/ontwikkelkaarten. Het schoolplan wordt vierjaarlijks opgesteld. Hierbij wordt uitgegaan van de geldende wettelijke kaders en de ambities vanuit het team. Het schoolplan wordt samen met een werkgroep opgesteld. Een vaste groep collega’s neemt hieraan deel op basis van affiniteit. De resultaten van de werkgroep worden gedeeld met het hele team. Daarmee organiseren we input vanuit alle collega’s. Het nieuwe jaarplan wordt jaarlijks in mei opgesteld. Op basis van de doelen vanuit het schoolplan, nog niet afgeronde doelen vanuit het lopende jaarplan en actuele ambities wordt een nieuw jaarplan opgesteld. De doelen uit het jaarplan worden uitgewerkt binnen een kwaliteitskaart of ontwikkelkaart. • Bij een kwaliteitskaart ligt de focus op borging en eventuele doorontwikkeling van bestaand beleid. Per kwaliteitskaart worden de speerpunten voor een schooljaar vastgelegd. We beschikken over vijf structurele kwaliteitskaarten: - Stage. - Nederlands en rekenen. - Burgerschap. - Schoolveiligheid. - Onderwijsresultaten. • De ontwikkelkaarten zijn gericht op de ontwikkeling van nieuw beleid en/of nieuwe werkwijzen op allerlei gebieden. Ook bij deze kaarten worden de doelstellingen van tevoren bepaald. Voor zowel de kwaliteits- als ontwikkelkaarten geldt dat collega’s aan de kaarten gekoppeld worden op basis van affiniteit en kwaliteit. Collega’s ervaren daardoor een hoge mate van eigenaarschap bij het opstellen en uitwerken van onze speerpunten. Rondom iedere kaart wordt een (kleine) werkgroep ingericht. De werkgroepen maken een eigen planning voor de uitwerking van de kaart. De kaarten worden minimaal viermaal per schooljaar besproken met de adjunct-directeur. Dan worden onder andere de stand van zaken, successen en verbeterpunten besproken. De (tussentijdse) resultaten van de kaarten worden ook besproken binnen de verschillende leerjaren. Om de week is voor ieder leerjaar een overlegmoment vastgelegd in de jaarplanning. Tijdens de laatste studiedag van een schooljaar worden de resultaten van de kaarten gedeeld met en door het team. Dan kijken we ook vooruit naar het nieuwe schooljaar en wordt gestart met de werving van collega’s voor de nieuwe/doorlopende kaarten. Alle gemaakte afspraken vanuit de kaarten worden geborgd binnen onze overlegcycli en binnen Teams. Hier worden documenten op vaste plekken bewaard. Ook maken we actief gebruik van een ‘weekinfo’ met berichten voor de collega’s. Op verschillende manieren is sprake van afstemming met het schoolbestuur. Maandelijks is er een overlegmoment tussen de directeur en het college van bestuur waarbij een speerpunt centraal staat uit óf het strategisch beleidsplan óf ons jaarplan. Ook vinden collegiale visitaties plaats op scholen van het bestuur gericht op speerpunten vanuit het strategisch beleidsplan. Vanuit het bestuur zijn verschillende beleidsdocumenten en notities opgesteld die van toepassing zijn op onze school. Voorbeelden daarvan zijn ‘Een stelsel van kwaliteitszorg’ en het Integraal Personeelsbeleid. Het bestuur heeft in 2020 de notitie ‘Een stelsel van kwaliteitszorg’ opgesteld. Deze notitie geeft weer hoe het College van bestuur en de scholen van de OSVS een integraal en samenhangend systeem hebben ingericht waarin planmatig en cyclisch wordt gewerkt aan doorlopende verbetering van ons onderwijs en de resultaten worden geborgd. Binnen het Integraal Personeelsbeleid is onder andere opgenomen welke functies er zijn binnen de Stichting en wat de afspraken zijn over de aansturing van de school (managementstatuut). 6 Sturen, kwaliteitszorg en ambities 6.2 Personeelsbeleid Naast de afspraken die zijn vastgelegd in de CAOVO en in het huidige IPB van de OSVS is er op het ProNovaCollege aandacht, ruimte en tijd voor personeel. In het kort kan dit worden omschreven als: ‘We doen het samen’. De school kent een groep van collega’s waarvan de meesten al vele jaren op het ProNovaCollege werkzaam zijn. Bij de aanname van nieuwe collega’s wordt gestreefd naar een bevoegdheid voor lesgeven. Als dit niet het geval is, wordt een opleidingstraject gestart. Nieuwe collega’s worden in eerste instantie begeleid door één van de MTleden. Deze heeft in het eerste jaar regelmatig informele gesprekken en drie formele gesprekken volgens de gesprekscyclus. We beschikken over een collega die nieuwe docenten coacht. Deze is beschikbaar voor praktische vragen, bezoekt lessen en geeft gerichte feedback. Binnen het leerjaar of de vakgroep wordt ook iemand aangesteld om de nieuwe collega in te werken. Het personeel wordt jaarlijks verdeeld onder de MTleden. De personeelsleden die onder dit MT-lid vallen, hebben jaarlijks minimaal 1 functionerings- of voortgangsgesprek volgens de gesprekscyclus. Een terugblik op lesbezoek behoort standaard tot het gesprek. Het verslag van dit gesprek wordt vastgelegd in AFAS. In deze gesprekken komt ook de mogelijkheid tot (bij)scholing ter sprake. Daar waar mogelijk financiert en faciliteert de school een ingebracht verzoek. De invulling van de studiedagen op teamniveau wordt gedaan op basis van de doelen van het jaarplan. Jaarlijks organiseren we een studiedag gericht op het pedagogisch handelen, omdat dit een van de speerpunten is van ons onderwijs. Het personeel kan op diverse manieren bijdragen aan de ontwikkeling en uitvoering van het onderwijskundig beleid. Bij aanvang van het schooljaar worden de taken en werkzaamheden onderling verdeeld en kiezen collega’s zelf één of meerdere werkgroepen of taken waarvan ze deel willen uitmaken. Dit zorgt voor betrokkenheid en motivatie onder het personeel. Periodiek is er overleg met de adjunct-directeur waarin de voortgang wordt besproken en afspraken worden gemaakt over het vervolgtraject. Het initiëren van nieuw beleid is daarnaast ook onderwerp van gesprek tijdens de functioneringsgesprekken. Collega’s worden actief bevraagd naar nieuwe ideeën en mogelijkheden voor de school. Ten slotte organiseren we incidenteel een denktank. Collega’s denken dan op een informele wijze na over thema’s die spelen binnen de school. Alle collega’s hebben de mogelijkheid om hieraan deel te nemen. 6.3 Evaluatie, verantwoording en dialoog De MR van onze school bestaat uit negen personen. Hiervan zijn er vijf personeelsleden, drie ouders en een leerling uit de leerlingenraad. Eén collega is lid van de GMR. De MR vergadert vijfmaal per jaar. Indien noodzakelijk is ook de directeur aanwezig voor uitleg en/of toelichting op diverse zaken. De school beschikt over een leerlingenraad. Deze vergadert maandelijks tijdens schooltijd onder begeleiding van een collega. Op de agenda staan onderwerpen die direct betrekking hebben op zaken die voor leerlingen van belang zijn. De school verkrijgt tegenspraak aan de hand van tevredenheidsonderzoeken en visitaties. Jaarlijks worden aan de hand van het systeem ProZO! tevredenheidsonderzoeken afgenomen onder het personeel, leerlingen, ouders en stagebedrijven. De resultaten worden geanalyseerd door het MT en gedeeld met het team, de MR en het bestuur. Eventuele verbeterdoelen naar aanleiding van de analyse worden opgenomen in het jaarplan. Vanuit OSVS wordt visitatie georganiseerd. Alle scholen van het bestuur nemen hieraan deel. Vanuit het bestuur en de scholen kunnen thema’s worden aangedragen. Wat zijn onze ambities bij dit onderdeel? • Een schoolbrede vertegenwoordiging binnen de leerlingenraad. • De PDCA-cyclus volledig volgen.
RkJQdWJsaXNoZXIy ODY1MjQ=