Moeder geen koemelkvrij dieet Borstvoeding is de gouden standaard. Eet of drinkt een moeder, tijdens de lactatieperiode, (producten met) koemelk, dan is een reactie bij een kind met een IgE-gemedieerde allergie vrijwel uitgesloten. ‘Als we kijken naar moedermelk, dan zit daar ongeveer een miljoenste in van de hoeveelheid koemelkeiwit die in flesvoeding zit. Dat is echt super weinig. Strikt genomen kan het eigenlijk niet dat een kind met een IgE-gemedieerde koemelkallergie daarop reageert. De moeder kan producten met koemelk dus gewoon blijven gebruiken. Sterker nog, het is beter voor de samenstelling van haar moedermelk en voor het immuunsysteem van het kind als ze zuivel gewoon blijft nemen. Want ook al zit er zo weinig van in haar borstvoeding, elke blootstelling geeft bij het kind een immuunrespons en dat kan ook een zogenoemde tolerantie inducerende respons zijn. Dat is een specifieke reactie van het immuunsysteem waarbij het afweersysteem besluit niet aan te vallen op een voedingseiwit, maar juist te accepteren. Als een kindje hier niet aan wordt blootgesteld, krijgt het ook geen kans het immuunsysteem te ontwikkelen.’ ‘We zien wereldwijd dat best vaak sprake is van achterblijvende groei bij koemelkallergie’ Aminozuurvoeding bij achterblijvende groei Als een kind een IgE-gemedieerde koemelkallergie heeft en geen borstvoeding krijgt, adviseert de richtlijn intensief gehydrolyseerde voeding (eHF). Volgens Vlieg– Boerstra begin je daarmee en kun je volgens de richtlijn aminozuurvoeding adviseren als de groei achterblijft of de groei onvoldoende herstelt bij gebruik van een eHF of als een kind toch nog IgE-gemedieerde symptomen heeft op een eHF. Dit laatste komt weinig voor. ‘We zien wereldwijd echter, dat best vaak sprake is van achterblijvende groei bij koemelkallergie en allergieën in het algemeen. Dat blijkt ook uit recent onderzoek in Amsterdam1; daarin hebben we aangetoond dat kinderen met koemelkallergie twee keer zo vaak kleiner en lichter zijn dan gemiddeld. Als je achterblijvende groei ziet, kun je als proef overgaan op een aminozuurvoeding, in de hoop dat inhaalgroei optreedt. Als op den duur inhaalgroei niet optreedt, kun je terug naar eHF.’ Vervolg pagina 9 10 Alternatieven Hoe zit het met alternatieven voor koemelk? Zoals sojadrink, geiten- en schapenmelk? Daarover is de richtlijn duidelijk zegt Vlieg– Boerstra : ‘Geiten- en schapenmelk, eigenlijk alle melk van zoogdieren, worden afgeraden vanwege de kans op kruisreacties. Ook zuigelingenvoeding op basis van geitenmelk is dus niet geschikt bij IgE-gemedieerde koemelkallergie. Producten op basis van soja kunnen wel gebruikt worden, want dat geeft geen kruisreactie met koemelk. Nu hebben we in Nederland geen zuigelingenvoeding op sojabasis, maar vanaf de leeftijd van 6 maanden zou aanvullend sojayoghurt passen.’ Geen melkladder ‘Als je het hebt over IgE-gemedieerde koemelkallergie, heb je het over atopische kinderen met een verhoogd risico op het ontwikkelen van andere voedselallergieën’, vertelt Vlieg–Boerstra. ‘Dus tijdig – bij 4 tot 6 maanden - pinda en ei introduceren is het advies. Bij kinderen met een IgE-gemedieerde koemelkallergie moet de melkladder overigens niet worden ingezet omdat het risico op heftige reacties te groot is. De melkladder is echt een tool voor milde niet-IgE-gemedieerde koemelkallergie.’ Bijvoeding van goede kwaliteit Het staat niet in de richtlijn, maar Vlieg–Boerstra benadrukt dat het van wezenlijk belang is aandacht te geven aan de kwaliteit van de bijvoeding. Dat is kiezen voor pure, zo mogelijk biologische voedingsmiddelen en zo min mogelijk ultra-bewerkte voedingsmiddelen. ‘Dit is goed voor het microbioom, tolerantieontwikkeling in het maag-darmkanaal en de immunologische ontwikkeling. Ik denk dat goede voeding als basis een onderschatte waarde heeft. Zorg bijvoorbeeld voor een koudgeperste olijf- of koolzaadolie, rijstemeel in plaats van rijstebloem en bied voeding ook op de juiste manier aan. Denk bijvoorbeeld aan een gecombineerde aanpak van eten met een lepeltje en ook stukjes zelf laten eten. Daarnaast is het belangrijk dat ouders hun kind goed “lezen”, dus uitgaan van “Responsive feeding”. Zit het vol, vindt het het eten lekker, is het toe aan grovere stukjes? Zo ontwikkelt een kind in het eerste levensjaar een gevarieerd menu en krijgt het een gezonde relatie met eten. Want eten is leuk!’ • IgE versus niet-IgE IgE-gemedieerde koemelkallergie • altijd sprake van IgE-antistoffen in het bloed of een positieve huidtest • klassieke herkenbare reacties als urticaria, zwellingen, loopneus, rode ogen, braken, diarree op en soms met benauwdheid of wegraking. Bij ernstige klachten is er kans op anafylaxie • klachten binnen 1 tot 2 uur na inname van koemelk, bij iedere inname Niet-IgE-gemedieerde koemelkallergie • klachten houden verband met maag-darmkanaal: spugen, reflux, buikkrampen, diarree, soms met bloed • soms roodheid of toename van eczeem • klachten meestal tot 4 uur na de inname, maar kan zelfs tot 48 uur na inname • FPIES (Food Protein Induced Enterocolitis syndroom) is de ernstige vorm. Dit kan gepaard gaan met heftig braken, ernstige diarree, slap en bleek worden. FPIES wordt niet behandeld in de 1e lijn maar in de 2e en 3e lijn. Literatuur: 1. Pediatr Allergy Immunol. 2025 Dec 26;36(12):e70262
RkJQdWJsaXNoZXIy ODY1MjQ=