Haven Magazine

Column Jacoline Oussoren-van Zwet Teamleider wonen met zorg Ik zie twee bewoners samen de afwas doen. Mevrouw Van Dam* wast met trillende handen af en mevrouw Ter Beek staat grappend te drogen. Het is zo’n beeld waarvan je denkt: dit is kleinschalig wonen. En tegelijk weet ik hoe kwetsbaar het is. Een eind verderop zit meneer Bakker. Hij zingt. Al uren dezelfde regel uit een psalm, hard en onafgebroken. Voor hem is het houvast, voor anderen is het bijna niet te verdragen. Ik zie het aan Sarah. Ze is moe. Ze probeert hem rustig te benaderen, maar de stemming slaat om. Mevrouw Pietersen raakt in paniek. Een bloemenvaas vliegt door de kamer. Dan komt haar dochter binnen. Ze ziet de scherven, hoort het gezang en ziet haar moeder zoals ze haar niet kent. “Waarom doen jullie niets?” vraagt ze. Ik voel de onmacht aan alle kanten. Families rouwen om iemand die er nog is. Boosheid blijkt vaak verdriet. Mijn rol zit precies daartussenin: er zijn voor het team én voor de familie die de grip kwijtraakt. Later zit Sarah bij het aanrecht met een glas water. Als ik vraag hoe het gaat, hoeft ze niets meer uit te leggen. We staan even stil bij wat dit werk met haar doet. Ik spreek ook de dochter. Niet over regels of afspraken, maar over gemis. Over hoe pijnlijk het is om je moeder zo te zien. Mijn werk zit niet in schema’s of roosters. Het zit in deze momenten. In de huiskamer, op de gang. Daar waar emoties door elkaar lopen en woorden soms tekortschieten. En morgen? Dan zingt meneer Bakker waarschijnlijk weer. Wij weten wat eronder zit. Daarom blijven we nabij, met aandacht, liefde en vakmanschap. Omdat achter de onmacht nog altijd de mens schuilgaat die ons, en zijn familie, harder nodig heeft dan ooit. *) De namen in dit artikel zijn verzonnen, in verband met de privacy van de bewoners en medewerkers. De situatie is wel levensecht. Tussen de afwas, de uithaal en de schuldvraag 19

RkJQdWJsaXNoZXIy ODY1MjQ=