Purperbruine zilverkaars Ze hebben de afgelopen jaren duizenden planten in de grond gestopt. Hoge planten vooral. Ietje: “Je moet niet kunnen zien wat verderop in de tuin ligt, maar die echt willen ontdekken. Om te onderzoeken wat je allemaal nog meer tegenkomt”. Het resultaat is prachtig. Vanaf het voorjaar zie je borders vol kleuren tot zomaar anderhalve meter hoog. Anemonen, staalblauwe kruisdistel, roze-paarse leverkruid en purper monnikspeper. Verderop verschillende veronicastrums, te herkennen aan hun lange bloemaren. Ietje wijst naar thalictrums in lila, roze, geel en wit, met blauwgroene of gemarmerde bladeren. Ook de schaduwtuin is een lusthof van kleuren, vormen en geuren. Van hosta’s met grote frisgroene en geelgerande bladeren en bosgroene varens tot groene en purperbruine zilverkaars met witte en aarvormige pluimen. Niet te veel in keurige clubjes bijeen, maar lekker door elkaar. Net zoals in de natuur. “Daar zoeken planten ook hun eigen weg”. Dan, terwijl ze om haar heen kijkt: “Dat je op slechte condities gewoon iets moois kunt maken, ja, dat vind ik best wel bijzonder”. Kweekbakken Van de originele moestuin is slechts eentiende over. Oorspronkelijk ligt die zo dicht mogelijk bij de keuken van het kasteel. Later verhuist die naar buiten de slotgracht. Ommuurd en met verwarmde kassen. Het overgrote deel bestaat uit een boomgaard. Van de ooit drie lange kweekbakken is eentje overgebleven. Ietje: “Spinazie, cavala nero en vooral asperges doen het erin erg goed”. Door de moestuin en boomgaard loopt in 1774 een ‘laantje’ dat bestaat uit vijf rijen eikenbomen. Gekapt aan het begin van de vorige eeuw, maar 21 jaar geleden hersteld en vierrijig herplant. De tuinmuur bestaat al in 1818 en is daarmee nog ouder dan het Witte Huis zelf, zegt Jurn. Het overgrote deel is omgevallen en wordt herbouwd door de Stichting Het Utrechts Landschap. Die beheert ook het westelijk restant. Langs die bejaarde tuinmuur 34
RkJQdWJsaXNoZXIy ODY1MjQ=