Natuurlijk begin je de wandeling over Landgoed Singraven bij de Kasteellaan. 800 meter lang, statig. Met aan het begin aan weerszijden van het toegangshek twee poortwachtershuisjes. Die tweeling komt uit 1937, vertelt Frank Morskieft van Morskieft De Twentsche Makelaar. Gebouwd in neoclassicistische stijl. Bedoeld om aan te sluiten bij de look and feel van de voorgevel van het statige Huis Singraven. “Vier jaar geleden stond een van de twee te koop. Met erachter een rond boshuisje met rieten kap”, zegt hij. Een soort Kabouter Plophuisje lijkt het. “We hadden wel meer dan honderd aanvragen voor een bezichtiging. Vanuit heel Nederland, prachtige tijd was dat. Daar moet ik elke keer weer aan denken als ik langs die huisjes loop”. Twents erfgoed Het kabouterboshuisje is lokaal bekend onder de naam ‘het saunahuisje van Laan’. Een grapje, zegt Morskieft. “Het was geen sauna, maar het badhuis van Willem Frederik Jan Laan, de laatste bewoner van Huis Singraven”. Die overleed kinderloos in 1966 en gaf het landgoed in eigendom van een stichting die waakt over fraai Twents erfgoed en net zo fraaie Twentse natuurgebieden. Laan had één voorwaarde voor die overdracht: zijn aanpassingen aan het landgoed moesten behouden blijven. Zoals die eerdergenoemde neoclassicistische voorgevel, het arboretum en de stijlkamers in Lodewijk XV- en Lodewijk XVI-stijl. Beide zijn ingericht met veel kunst en antiek. Bij elkaar verzameld door Laan, een fervent kunstliefhebber. Grote gracht Eerst een stukje geschiedenis. Singraven is een landgoed vlakbij Denekamp. 500 hectare groot. Het gelijknamige huis omvat een koetshuis, een aantal boerderijen en iets verderop een watermolen. Het Huis ligt verstopt in een lus van de Dinkel. De eerste bewoners beschouwen dat riviertje als een gracht. Vandaar de naam: Singraven betekent ‘grote gracht’. De naam duikt voor het eerst op in 1381. Als agrarisch boerenhofstede ‘Hof ten Singraven’, vertelt Morskieft. Die boerenhofstede is eigendom van de bisschop van Utrecht die het uitleent aan derden. Een tijdje fungeert het als onderkomen voor Oldenzaalse begijnen. Alleenstaande vrouwen, geen nonnen. Wel leven ze heel kuis, vroom en teruggetrokken. Lang hebben ze daar niet mogen bivakkeren. In 1398 komt het huis in bezit van een voorname familie die de hofstede versterkt tot havezate. Je begint de wandeling over Landgoed Singraven bij de Kasteellaan “ “ 24
RkJQdWJsaXNoZXIy ODY1MjQ=