Nationale Opera & Ballet

74 Ballet Interview Choreograaf Toer van Schayk over Requiem “De schellen vielen ons van de ogen”, zegt Toer van Schayk over het moment waarop de eerste bevindingen van de Club van Rome, eind jaren zestig, bekend werden. “Tot dan dachten we dat de natuur alles aankon, maar dat bleek absoluut niet zo te zijn.” Al in zijn eerste, kort daarna uitgebrachte balletten stelde hij de desastreuze menselijke impact op de aarde dan ook aan de orde. Het thema zou uitgroeien tot een rode draad in zijn oeuvre, al komt het nergens zó indringend en aangrijpend naar voren als in Requiem uit 1990. “Want”, zegt Van Schayk, “de enige zonde die ons mensen echt niet kan worden vergeven, is de vernietiging van de schepping zelf: de aarde, de natuur.” Daarbij is het thema actueler en urgenter dan ooit. “Kijk naar zo’n laatste klimaatconferentie, in het Braziliaanse Belém, daar komt helemaal niks uit. De economische belangen wegen altijd weer zwaarder. Oké, wereldwijd wordt er wel íéts gedaan, maar dat is niet meer dan een vochtig doekje op het voorhoofd van een stervende. Het sterven gaat ondertussen gewoon door.” Collectieve schuld Gevraagd naar welk gevoel dat bij hem oproept, antwoordt hij: “Noem alle emoties maar op. Ze zijn er allemaal!” In de expressieve solo’s en duetten en imposante ensembledelen van Requiem is de collectieve menselijke schuld daarom ook steeds voelbaar. Wat nog versterkt wordt door de getoonde videobeelden van onder meer vivisectie, de olifantenjacht en het kappen van regenwouden. “Ik ben niet zo hooghartig om te denken dat ik met dit werk groepen mensen kan veranderen, maar als ik er maar één bereik, is mijn missie al geslaagd.” Het idee om ooit een choreografie op Mozarts imposante dodenmis te maken, speelde overigens al veel langer door zijn hoofd. “Het is muziek die mij heel erg emotioneert en meesleept. Als choreograaf moest ik echter eerst iets opbouwen, mijzelf verder ontwikkelen. Tot het moment kwam waarop ik dacht: nu kan ik het aan.” Dansers die álles kunnen Destijds maakte Van Schayk het ballet voor een groep dansers met wie hij al jarenlang een intensieve band had. Maar in de huidige generatie dansers heeft hij ook alle vertrouwen. “Die jonge dansers zijn geweldig. Ze kunnen álles, de groep heeft nog nooit op zo’n hoog peil gestaan. Toen ik Requiem maakte, had ik een lang verhaal voor de dansers geschreven en dat zal ik ook nu, met de nieuwe danserscast, delen. Maar bij het instuderen van mijn 7e Symfonie merkte ik vorig jaar al: ze staan heel erg open voor wat er in de wereld momenteel gaande is. Ik kon ze goed bereiken en ze wílden ook bereikt worden. Eigenlijk ben ik”, zegt hij na een korte overpeinzing, “nog nooit zo gelukkig geweest in mijn werk voor Het Nationale Ballet als nu.” Toer van Schayk tijdens een repetitie van Episodes van fragmenten (2016) met dansers Qian Liu en Young Gyu Choi “ Het Nationale Ballet heeft nog nooit op zo’n hoog peil gestaan” Laaiende persreacties en een tien minuten durende staande ovatie: daarmee werd Toer van Schayks Requiem in 1990 ontvangen. Ter gelegenheid van zijn negentigste verjaardag studeert hij het indringende ballet – op Mozarts gelijknamige dodenmis – nu met een nieuwe generatie dansers in.

RkJQdWJsaXNoZXIy ODY1MjQ=