Nationale Opera & Ballet

61 Het lichaam is een instrument van transformatie. Het kan alles worden en uitdrukken.” La damnation de Faust sprak meteen haar verbeelding. “Berlioz schreef het werk voor de concertzaal. Hij heeft in de eerste plaats aan de muzikale expressie gedacht, en minder aan het ontwikkelen van een psychologisch en pragmatisch uitgewerkt operaverhaal. Daardoor biedt de partituur een enorme openheid en rijkdom aan contrasten: het zware, grootse en meeslepende tegenover het ijle, kwetsbare en intieme.” Beeldende kunst Voor La damnation de Faust zocht Nanine Linning de samenwerking met de Nederlandse beeldend kunstenaar Levi van Veluw. “Ik kwam zijn werk rond 2008 voor het eerst tegen in een museum. In de jaren daarna ontwikkelde zijn oeuvre zich sterk, vooral ruimtelijk. Hij ging werken met architectonische vormen, tempelachtige structuren en getekende landschappen en ruimtes die voor mij direct als scenografie voelden. Levi begrijpt dramaturgie, tijd en verandering. Hoewel hij niet uit het theater komt, is zijn manier van denken zeer verwant aan die van mij.” Linning en Van Veluw ontwikkelen een ruimte die aansluit bij de wereld van het hoofdpersonage Faust. “Faust maakt in het stuk geen ontwikkeling door, geen groei. Hij leert niets en is aan het eind van het stuk nog hetzelfde als aan het begin. Hij is volledig op zichzelf gericht. Daar situ- eren we het werk dan ook: in die innerlijke wereld, zijn brein, vol verlangens en obsessies.” Stijgen tot in de stratosfeer De titelrol van Faust zal worden vertolkt door tenor John Osborn. Hij maakte ruim twintig jaar geleden, in 2003, zijn debuut bij De Nationale Opera en keerde sindsdien regelmatig terug in uiteenlopende, maar steeds dramatischer rollen. Osborn: “La damnation de Faust vraagt om een tenor die moeiteloos tot in de stratosfeer kan stijgen, lange legato-lijnen kan zingen, muzikaal zeer precies is en zorgvuldig met klankkleuren en dynamiek omgaat. Maar bovenal vraagt dit werk om een artiest die de tekst als een dichter kan interpreteren. De diepgang en inter- pretatie van de tekst zijn heel belangrijk, anders wordt het vrijwel onmogelijk om het publiek werkelijk te raken.” Daarnaast moeten performers bij dit werk scherp blijven, aldus Osborn. “Berlioz is bij het componeren, denk ik, bewust zo on- voorspelbaar mogelijk geweest. Het vergt een uitzonderlijk goed geheugen om alle lijnen precies en correct te houden. De orkestratie is op sommige momenten opwindend en extreem weelderig, en op andere momenten bijna transparant. Het werk heeft een soort voortdurend aanwezige Frans-Wagneriaanse dimensie. Berlioz vuurt werkelijk alles wat hij maar kon bedenken – hoe krankzinnig ook – op je af.” Tekst: Laura Roling “ Beweging kan niet bestaan zonder adem en zang evenmin” Nanine Linning Foto: Figge Photography John Osborn

RkJQdWJsaXNoZXIy ODY1MjQ=