Stichting Informatie Dierproeven

Na het verkrijgen van de CCD-vergunning en goedkeuring van het onderzoeksplan door de IvD kan de onderzoeker beginnen met de uitvoering van de dierproef. De Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) verleent op aanvraag een instellingsvergunning als is aangetoond dat aan alle vereisten wordt voldaan. De CCD krijgt advies van een Dierexperimentencommissie (DEC) en besluit vervolgens wel of geen vergunning voor de uitvoering van het onderzoek te geven. Als de CCD de vergunning verleent publiceert zij een niet-technische samenvatting op de website van de Europese Commissie (ALURES). IvD ziet toe op het welzijn van de dieren en het verloop van het project en bevordert de 3V’s. De NVWA inspecteert of instellingen de regels naleven. De onderzoeker schrijft een projectvoorstel en een niet- technische samenvatting. Hij legt dit voor aan de Instantie voor Dierenwelzijn (IvD) van de instelling. Bij de Centrale Commissie Dierproeven (CCD) wordt de vergunning voor de uitvoering van het projectvoorstel aangevraagd. Een dierproef doe je niet zomaar... De instelling vraagt een instellingsvergunning aan bij de overheid om dierproeven te mogen doen en/of een vergunning om dieren voor dierproeven te mogen fokken en/of leveren. Stap 1 Stap 2 Stap 3 Stap 4 Stap 5 Stap 6 Opleiding vereist Onderzoeker, biotechnicus of dierverzorger word je niet zomaar. Voor elke functie is een gedegen opleiding vereist. Voor sommige specifieke functies is daarnaast een cursus proefdierkunde verplicht. Iedere instellingsvergunninghouder heeft een Instantie voor Dierenwelzijn (IvD). De IvD is een verbindende schakel tussen DEC, CCD en de onderzoeker. De IvD houdt intern toezicht en adviseert over bijvoorbeeld het 3V-beleid. In de IvD zitten deskundigen met betrekking tot proefdieren, dierproeven en de 3V’s. Dierenarts Elke instelling heeft een dierenarts met kennis van de proefdiergeneeskunde. De dierenarts bewaakt diergezondheid, ziet toe op dierenwelzijn en adviseert de IvD. Een gekwalificeerde medewerker ziet alle aanwezige dieren dagelijks en houdt een welzijnsdagboek bij. De uitvoering van dierproeven is de samenwerking tussen onderzoeker, biotechnici en dierverzorgers essentieel. Vergunninghouders Eind 2023 waren 73 instellingen in het bezit van een vergunning voor het verrichten van dierproeven. Deze instellingsvergunninghouders zijn bijvoorbeeld universiteiten, universitaire ziekenhuizen, onderzoeksinstellingen en farmaceutische bedrijven. Van de 73 vergunninghouders waren 41 instellingen ook in het bezit van een vergunning voor het fokken of afleveren van dieren met het oog op dierproeven. Eén instelling was alleen in het bezit van een fok- en afleververgunning. Inspectie Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) De NVWA controleert regelmatig op de naleving van de voorschriften bij de instellingen. Als de wet wordt overtreden, krijgt de verantwoordelijke functionaris een waarschuwing plus de verplichting de ongewenste situatie te verhelpen. De NVWA helpt de verantwoordelijke functionaris de regels te begrijpen en na te leven. Ook zorgt de NVWA voor de registratie (verzamelen van cijfers en rapportage aan de EU). Deskundigheid, vergunning- houders en de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit 8

RkJQdWJsaXNoZXIy ODY1MjQ=